Kerst overweldigt

Ik pak het winkelwagentje nog steviger beet. Mijn handen voelen klam. Mensen dringen voor mijn kar langs. Een kind links van mij roept iets tegen zijn moeder en ik hoor de scherpte van zijn stem tot diep in mijn hersenen. Ik voel de warmte stijgen en probeer me te concentreren op mijn vriendin die voor me uitloopt. Ik voel mijn oren suizen, mijn zicht lijkt ook waziger ineens. Mijn hoofd voelt nu al vol, alsof mijn hoofd opzwelt en tegen mijn schedel drukt. Ik voel een hoofdpijn opkomen van alle prikkels die erop afkomen. Voetje voor voetje schuifelen we achter de mensenmassa aan. Lampjes knipperen van geel naar rood, naar blauw en groen. Heel veel lampjes en ze beginnen te dansen voor mijn ogen. Waarom doe ik dit mezelf aan? vraag ik me voor de zoveelste keer af.

Mijn vriendin wilde dit al heel lang. Toen het nog zomer was zei ze al dat ze er heel graag een keer heen wilde. “Ga je ook mee? Je zal het hartstikke leuk vinden!” zei ze toen. Ik heb lang de boot afgehouden, maar uiteindelijk dacht ik, oké ik ga wel mee. Ik doe het voor haar, het is maar even, ik moet dit toch kunnen. Het was een bezoekje aan het grootste tuincentrum met de grootste kerstshow van het land. Vanuit het Zeeuwse is dat maar liefst twee uur heen en ook twee uur terug.

Na al de kerstbomen wel gezien te hebben, de kerstdorpen te hebben bewonderd, kwamen we op nog wat andere afdelingen terecht. Kaarsjes, spelletjes, eten en zelfs speelgoed. De mensenmassa liep in een soort langzaam rijdende file door de winkel. Als je eenmaal uit de stoet ging, kon je niet meer invoegen. Tenzij je iemand letterlijk aanreed en je ertussen wurmde. Mijn vlucht naar rust was het toilet, we glipten uit de rij en liepen het restaurant in. Bij de wc aangekomen, stond daar een hele lange rij.

Ik probeerde mijn sjaal uit te doen, ik voelde dat mijn hoofd gloeide. Mijn vriendin had niets door, ze babbelde er vrolijk op los. Ik keek naar haar en dacht in mezelf: hoe fijn is het, dat je in zo’n drukke winkel kan staan zonder maar ergens last van te hebben. Ik zag hoe haar ogen twinkelden, ze genoot hiervan. Ze is het tegenovergestelde van mij, houdt van drukte en reuring en kletst met iedereen. “Oké, rustig blijven,” spreek ik mezelf in stilte toe, “je doet dit voor haar, nog even volhouden!” Op het toilet probeer ik mezelf rustig te maken om weer door te kunnen.

Kerstshow, kerstdagen, kerstdrukte, het is allemaal niet zo aan mij besteed. Ik probeer te genieten maar ik heb ook behoefte aan nog meer rust. Het zijn veel prikkels in korte tijd, tussendoor plan ik rust en ruimte voor mezelf in. Mijn brein heeft dat nodig, een wandeling met de hond of gewoon in mijn bed liggen. Eraan wennen zal ik nooit denk ik, maar er beter een balans in vinden wel. Rust bewaren is de enige manier om niet te verdrinken in de kerstdrukte.

Dit delen