Berichten
Oog voor details.
Ik heb koffie gepakt bij het automaat en loop achter haar aan naar een stille ruimte. Een tienminutengesprek, dat is kort en helder. Ik ga zitten op een van de stoelen en observeer de vrouw tegenover me. Ik zie hoe ze praat en daar bewegingen bij maakt, ik zie elke oogopslag, een wenkbrauw die beweegt bij een woord dat ze zegt. Alles zie ik en analyseer ik razendsnel in mijn hoofd. Mijn hoofd is er op getraind, het observeren van mensen heb ik tot een kunst verheven. De details van iemands gezicht, de ogen, het zegt zóveel.
Het gesprek gaat over mij en over hoe ik functioneer als zorgvrijwilliger in het hospice. Ik hoor haar vertellen hoe ze mij ziet. Ze typeert mij als een vrolijke enthousiaste vrouw. Ze zijn blij met mij, ik doe mijn werk goed en andersom ben ik ook blij dat ik daar mag werken. Het grappige is dat alles wat mij blijkbaar typeert, mij ook veel energie kost op sommige momenten. Sociaal zijn bijvoorbeeld, het is daar vaak hollen of stilstaan. Ik weet dat inmiddels en probeer daar ook op te anticiperen. Rust nemen na mijn dienst bijvoorbeeld. Dat heeft mijn autisme gewoon nodig.
Het brengt me ook heel veel. De dankbaarheid van de bewoners die je krijgt, dat is goud waard. De lessen die bewoners mij meegeven, zonder dat ze het weten, bewaar ik in mijn hart. Laatst hielp ik een verpleegkundige bij de verzorging van een bewoner. Mijn observeren komt dan goed van pas. Ik scan voortdurend de bewoner, als ik maar iets zie wat lijkt op pijn, reageer ik daar op. De verpleegkundige en ik gingen het haar wassen, ik kreeg duidelijke instructies en daar ga ik goed op. Het warme water, de shampoo op haar hoofd, ik zag het gezicht ontspannen en zachter worden. Ze genoot. Na het afdrogen deed ze haar ogen pas weer open en zei met een twinkeling in haar ogen: “Ik voel me net een prinsesje!”.
Zo’n moment blijft hangen.
Observeren, het is iets wat ik goed kan. Aangeleerd, ja dat wel. Toch ben ik er blij mee, het levert mij veel op en inmiddels zie ik ook het nut ervan in. Ik zie wat anderen soms missen: kleine signalen, subtiele veranderingen. Mensen nemen dingen aan en vullen dingen in zonder het écht te zien. Ik zie ontzettend veel en voel ook heel veel. Dat is waar mijn kracht ligt.
De wekker gaat, de tien minuten zijn voorbij. Fijn, denk ik, het is kort maar krachtig. We ronden het gesprek af en lopen weer terug naar de huiskamer. Ik wandel zo mijn rol weer in als zorgvrijwilliger. Ik kijk. En ik hoop dat ik dit nog lang mag doen.